Midden jaren 80 vorige eeuw ontmoetten wij Leo en Mieke privé; daarvoor waren Leo en ik goede collega’s bij de Provincie Utrecht, druk bezig met het spannende project dat “bodem” heette. In het bijzonder het Griftpark sprak tot de verbeelding van een ieder die een beetje het nieuws bijhield over de bodemvervuiling in de provincie Utrecht.
Maar er waren destijds vele projecten die aangepakt en opgeruimd moesten worden. Allemaal kregen ze een plek in het jaarlijkse bodemsaneringsprogramma. De bedragen die ermee gemoeid waren, namen astronomische vormen aan.
Leo was belast met de financiën en ik met de juridische en procedurele bodemsaneringsprogramma’s voor alle projecten. De inhoudelijke aanpak van de onderzoeken en saneringswerkzaamheden werden door vele anderen gedaan binnen het projectbureau bodem, samen met de Utrechtse gemeenten en met toezicht door de rijksoverheid. Externe ingenieursbureaus beleefden gouden tijden.
Saai was het nooit, zeker niet als Leo weer eens “gespeeld” aangaf dat hij nu toch echt geen tijd had om allerlei overzichten aan te leveren en even later mooi op tijd met de lijsten op de proppen kwam.
Bijna elke woensdag sprak Leo de klassiek geworden woorden: “Al weer woensdag, het gaat hard”. Waarna meestal het onderwerp “vrije tijd” of nog mooier “vakantie voorpret” ter sprake kwam.
Vroegboek kortingen, schoonmaken van de caravan, midweekje weg, lang weekend gepland, een maand vakantie naar Noorwegen, Frankrijk en later nog vele andere (verre) landen. Daar kon Leo heerlijk van genieten, alleen al vanwege de voorpret. Hij bereidde elke vakantie en uitstap tot in detail voor. De dia’s, later foto boeken en digitale (film)beelden, kwamen vervolgens uitgebreid aan de orde, als wij, Margreet en ik, op bezoek kwamen bij Leo en Mieke.
We hebben met z’n vieren ook leuke uitstapjes ondernomen, zowel in eigen land als in Frankrijk. De mooie herinneringen blijven overheersen als we aan die dagen terugdenken.
Leo kon heerlijk genieten van een lekker gebakje, een fijne maaltijd, een goed glas whisky of bier. Een gezelligheidsmens pur sang.
Als hij binnenkwam was het meteen; goedendag jongeman, alles goed? Daarna lachen en gezelligheid. Ook de serieuze toon werd zeker niet geschuwd, vooral als het ging om de invulling van de tijd na de werkzame periode bij de provincie Utrecht. De vakanties zouden dan zeker een nog grotere plaats in moeten gaan nemen, aldus Leo en Mieke. En dat is zeker gelukt!
Met Leo kon ik altijd over van alles praten, op een gemoedelijke manier: of het nu voetbal was, politiek, of het actuele nieuws: hij kon er met verve over meepraten en er een oordeel over hebben.
Hij was, ook op het werk, altijd wel in voor een geintje of een onverwachte kwinkslag. Zo barste hij in de koffiehoek van het provinciekantoor een keer in een mij onbekend lied uit: de dochter van de slager, die is niet mager; zij wordt alleen maar dikker, het is net een kikker.
Leo was nooit een opschepper, hij was een aanpakker die de schouders eronder zette. Recht voor z’n raap kon hij ook zijn, daar moest je maar aan wennen. Hij had het hart op de goede plek en was ook sociaal begaan met mensen die het minder hadden.
Ik zal me Leo altijd blijven herinneren als iemand die gezelligheid en warmte meebrengt als hij ergens binnenkwam. Iemand die iets toevoegt aan de ruimte die hij betrad: je schoof graag bij hem aan. Een karakter-mens.
Zijn passie: vakanties voorbereiden en beleven. Vijf jaar na zijn pensionering is daar ineens een einde aan gekomen. Deze “vroegboek korting” had Leo liever aan zich voorbij zien gaan: te vroeg uitgestapt tijdens een te korte levensreis, zo kunnen we zijn verscheiden wel samenvatten.
“These are the days of our life. They’ve flown in the swiftness of time” (F. Mercury)
Leo zei altijd als hij afscheid nam: “doei doei”.
Doei doei Leo, wat zullen we je missen!
Je vrienden,
Peter en Margreet